naam

Hallo Haflingervrienden!
 

Mag ik mij even voorstellen? Ik ben nog niet zo oud, maar het leventje dat ik achter de rug heb, is wel heel bijzonder. Toen ik nog in mijn moeders buik zat, heeft mijn moeder een ongeluk gehad. Het is dus een wonder dat ik gezond geboren ben! Daarom hebben ze mij Wonder genoemd. Zal ik je eens vertellen hoe dat allemaal zo gekomen is?

Het begon allemaal in de buik van mijn moeder Roos. Ik lag lekker te slapen en toen hoorde ik een enorme knal. Wat bleek het geval te zijn? Mijn moeder had een punt van het hek in haar buik gekregen, waardoor ze een nare, diepe wond had. Ze had erg veel pijn. Even later hoorde ik allemaal mensen praten. "Dit is niet goed, moeten we haar laten inslapen of kunnen we haar behandelen?", hoorde ik ze zeggen. Ik dacht: "Hé hallo, en ik dan?" Gelukkig was mijn moeders bazin, Coby Hamminga, zo dapper om mijn moeder te verzorgen. Neem maar van mij aan dat ze daar heel veel werk van heeft gehad. Om de twee uur stond ze klaar voor mijn moeder, en dat vele weken lang. Het ergste voor mij was wanneer die vervelende dierenarts kwam met zijn lange naald. Dan werd ik misselijk en dan dacht ik: "Denken jullie wel aan mij?! Ik moet ook nog groeien hoor!" Vlak voordat ik eruit wilde, werd mijn moeder zo ziek dat ze bijna geen zuurstof meer kreeg. En ik dus ook niet. Wat was ik blij toen ze later weer opknapte! Toch dacht ik: "Misschien kan ik nu maar beter geboren worden." Dat heb ik toen gedaan. Eindelijk kon ik al die mensen eens bekijken. Ze waren allemaal heel blij met mij en iedereen kwam langs om mij te bewonderen. Maar ik had heel andere zorgen, want mijn lieve moeder werd weer ziek. Ik hoorde de mensen zeggen dat ze haar moesten laten inslapen. Ze vroegen zich af hoe het dan verder moest met mij als ik geen moeder meer had.

Ik heb afscheid moeten nemen van mijn moeder, daarna werd ik in zo'n ding op wielen gezet. "Wat is dit nou weer?", vroeg ik me nog af. Even later gingen we een vreemde stal binnen en daar stond een soort moeder, die haar uier ook vol met lekkere melk had. Van alle emoties had ik heel veel dorst gekregen, dus heb ik mijn buikje bij deze moeder vol gedronken. Maar ze vond mij niet zó leuk dat ze direct wel wilde dat ik ook haar veulentje zou zijn. Daarom werd ik weer bij haar vandaan gehaald en in een box gezet met een vervelend veulen die mij even mores wilde leren. Eerst dacht ik nog: "Zou dat veulen ook melk voor mij hebben?", maar nee, ze was alleen maar boos op mij. De mensen hebben haar maar weer bij mij vandaan gehaald. Toen stond ik alleen in die grote box. Ik voelde me heel eenzaam en verdrietig. Het was een geluk dat ik om de twee uur mijn buikje vol mocht drinken bij de moeder van dat krengetje. ’s Nachts sliep ik slecht, omdat ik steeds aan mijn moeder moest denken. De volgende dag hebben ze me weer bij dat akelige veulen in de box gezet, want ze vonden dat wij elkaar in ieder geval wat aardiger moesten gaan vinden. Dat is uiteindelijk ook gelukt en het leuke was dat die lieve nieuwe moeder af en toe bij ons langskwam om ons te laten drinken. Als we dan ons buikje vol hadden en lekker gingen slapen, ging dat andere veulen met haar hoofd op mijn buik liggen. "Ik laat haar maar,” besloot ik, “dit is beter dan een mep van haar te krijgen."

Inmiddels is het andere veulen een stuk aardiger tegen mij. Bovendien komt mijn nieuwe moeder aldoor langer bij ons staan, dus ik denk dat alles wel goed komt. Ik word vast gelukkig met mijn nieuwe moeder Hanna en mijn nieuwe zusje Jolente!

Groetjes van Wonder